Principe

Uitgangspunt en doel van het unitieve proces is de eenheid van lichaam, geest en ziel. Dit komt ook tot uiting in de betekenis van het woord “unitief”, waarmee zowel “eenheid” en “heelzijn”, als “het proces om heelheid te herstellen” betekent. In de loop van onze ontwikkeling wordt het contact met de oorspronkelijke “eenheid”, de kern van ons wezen, verstoord. Door traumatische gebeurtenissen, door angsten [bv. om verlaten te worden, niet geliefd te zijn of om er niet bij te horen] en doordat onze ouders ook feilbaar zijn, geven we steeds een beetje van onszelf op. We passen ons aan en ontwikkelen overlevingsstrategieën. Zodoende vervreemden we langzaam van onze oorspronkelijke “eenheid”. Het verlies van contact met “de kern van ons wezen” versterkt angst- en onzekerheidsgevoelens. Ons wantrouwen neemt toe en we gaan onszelf en anderen splitsen in goed en kwaad, zwak en sterk, daders en slachtoffers, etc. Het unitieve proces is een weg om deze splitsingen gewaar te worden en te helen. Om mededogen ontwikkelen en, zonder te oordelen, ook negatieve gevoelens en destructief gedrag onder ogen kunnen zien is hierin belangrijk. Door een dergelijke houding kan je een ruimer bewustzijn ontwikkelen; je leert [overleving-]strategieën te herkennen, te accepteren en wanneer blijkt dat deze niet langer zinvol zijn, ze uiteindelijk los te laten. Een ruimer bewustzijn (conciousness) en gewaarzijn (awereness) zijn de belangrijkste helende factoren. Het opent de poorten van de innerlijke wijsheid, zodat het authentieke, unieke zelf [de kern van ons wezen] zich weer kan manifesteren. Hierbij kan de therapeutische relatie helpen. De therapeut confronteert je met jezelf, steunt je en stimuleert je om risico’s te nemen naar meer vertrouwen en openheid. Een sterke basismotivatie om zelf mee te werken is in deze therapievorm uiterst belangrijk. De therapeut is geen magiër redder of dokter die je van je probleem afhelpt, maar een begeleider die je helpt om jezelf te helpen.